Sites als CoinMarketCap en CoinGecko tonen tienduizenden cryptomunten. Het overgrote deel speelt geen enkele rol. Een klein deel heeft echte gebruikers, actieve ontwikkelaars en een geschiedenis van jaren.
De term altcoin zegt dus niets over kwaliteit, alleen dat het geen Bitcoin is. Waar het om gaat: wat doet een project, en wie verdient eraan?
Soorten altcoins
Grofweg zijn er vier groepen: munten van eigen blockchains (Solana, Cardano, Avalanche), tokens van toepassingen (Uniswap, Aave), stablecoins en memecoins. Daarnaast bestaan betaalmunten als Litecoin en infrastructuurtokens als Chainlink.
Memecoins
Dogecoin begon in 2013 als grap over een internetmeme. Inmiddels zijn er duizenden memecoins zonder technisch doel, die alleen op aandacht drijven. Zulke tokens kunnen in dagen vertienvoudigen en net zo snel bijna niets meer waard zijn. Veel worden gelanceerd op platforms waar iedereen in een paar minuten een token aanmaakt, en een flink deel is vooral bedoeld om late kopers op te lichten.
Zo beoordeel je een project
Stel jezelf voor elke aankoop een paar vragen. Is er een product dat mensen echt gebruiken? Wie heeft hoeveel tokens, en wanneer komen geblokkeerde tokens vrij? Is de code openbaar en gecontroleerd? Wordt de token verhandeld op platforms met een vergunning? Hoe meer vragen open blijven, hoe groter het risico.
Tokenomics
Met tokenomics bedoelen we de economische spelregels van een token: totale hoeveelheid, verdeling, inflatie en vrijgaveschema. Als oprichters en vroege investeerders veel tokens hebben die geleidelijk vrijkomen, ontstaat verkoopdruk. De volledig verwaterde waardering (FDV), die alle toekomstige tokens meetelt, zegt daarom vaak meer dan de marktkapitalisatie.